top of page

| 3 | Norge på langs | Door rots, sneeuw en ijs |

  • Foto van schrijver: Milan Gelden
    Milan Gelden
  • 7 jul 2025
  • 7 minuten om te lezen

In de ochtend schuif ik aan bij het ontbijtbuffet in Haukeliseter, iets waar ik onwijs naar had uitgekeken. Vers brood, yoghurt, eieren, kaas, jammetjes, van alles. Het was zeker lekker, maar vergeleken met het ontbijtbuffet in Saltoluokta op de Kungsleden kan dit niet tippen. Daar kon je verse wafels maken, afgebakken broodjes, verse jus… gewoon net een ander niveau. Dit was meer niveau standaard hotelontbijt. Hoe dan ook, de missie was om mezelf goed aan te sterken en lekker uit te rusten.


De avond ervoor was ik rond 20:00 uur gearriveerd, na 45 kilometer gelopen te hebben, in de veronderstelling: morgen pak ik een rustdag. Helaas kreeg ik de boodschap dat ze geen laundry service hadden… huh? Die had ik stiekem wel ingecalculeerd bij zo'n groot gebouw aan de snelweg. Ze hadden wél een tørkerom, oftewel een droogkamer. Ik heb dus nog dezelfde avond alles met de hand gewassen en opgehangen. Niet dat ik daar zoveel zin in had, maar het was wel noodzakelijk.


Ik had daarnaast een pakket naar deze locatie gestuurd met eten voor de komende vijf dagen. Maar die lag niet hier, die lag in het dorp, een halfuur verderop. Juist een pakket gestuurd zodat ik níét naar het dorp hoefde te liften… aaargh. Een aantal tegenvallers dus, maar er valt mee te dealen.


Na het ontbijtbuffet loop ik naar de receptie met de vraag of ze nog ‘leftover’ wandelstokken hebben, bijvoorbeeld uit de gevonden voorwerpen. Ik mis namelijk een stok, mogelijk dat ze er hier eentje over hebben. Dat was niet het geval volgens de receptioniste, maar ze kon me wel meenemen naar de garage waar takken liggen. Hier kon ik mogelijk wel wat mee als tijdelijke oplossing. Ik zoek een tak uit en maak er met behulp van mijn mes een wandelstok van, precies dezelfde afmeting als de andere. Mijn tent moet ik namelijk met twee stokken opzetten, dus het is een essentieel onderdeel. Mocht ik onderweg niets vinden bij een hut, zal ik toch een paar nieuwe moeten aanschaffen.


Dezelfde vriendelijke medewerkster benoemt later op de dag dat ze naar het dorp gaat om pakketten op te halen. Hoe fijn! Ook geeft ze me een reparatietas, waar allemaal materiaal in zit. Mijn regenbroek is namelijk opengescheurd door al het glijden over de sneeuw en het klauteren over de rotsen.


Na alles ingepakt, gerepareerd, opgeladen en klaar te hebben, vertrek ik rond 18:00 uur het terrein af. Gelijk stijl omhoog klimmen, het Hardangervidda Nationaal Park in. Ik zou maar een paar kilometer lopen, waarna ik mijn tent opzet bij een meertje.


Hardangervidda
Hardangervidda

De volgende dag schijnt de zon en is er weinig wind. Daarnaast is het pad een verademing vergeleken met het gedeelte hiervoor. Hier kon ik echt lekker doorlopen, zonder continu naar de grond te hoeven kijken of mezelf uit de modder te trekken.


Na een kilometer of 15 is er een hut, waar ik even een koffietje maak. In de hut zijn nog wat mannen aanwezig, die hier de nacht hadden doorgebracht. Ik raak aan de praat met een hele vriendelijke man, Rune heet hij. Overigens een heel gave naam. Hij straalt een enorme rust en oordeelloosheid uit. We hebben een gesprek gehad over de verschillen tussen Nederland en Noorwegen. Hij komt uit het noorden van Noorwegen, uit de buurt van Bodø, waar het een stuk rustiger is. Nederland daarentegen is compleet overbevolkt, er is continu ruis en onrust, zeker in het stedelijk gebied waar ik woon. Hij stelde dan ook een mooie vraag: of het stressvol is om daar te wonen. En dat is het met regelmaat zeker…


We hebben het gehad over hoe mensen in Zuid-Europa verschillen ten opzichte van Noord-Europa, de manier van praten, sociaal contact, small talk, enzovoort. Bijzonder om te zien hoe het leefgebied van verschillende bevolkingsgroepen zo’n invloed heeft op ons sociale gedrag. Ook kwam Svalbard ter sprake, waar een 'doomsday vault' is: een kluis waar zaden van de meeste planten en bloemen wereldwijd opgeslagen liggen. Ook vertelde hij me dat iedereen die zelfredzaam is op Svalbard mag wonen, ongeacht afkomst. Hoe mooi is dat? Moet je natuurlijk wel tussen de ijsberen willen leven…


Ik neem afscheid en vervolg de tocht door de Hardangervidda, waar ik wellicht in twee dagen doorheen ben. Het begint spectaculair, met enorme gebergtes, besneeuwde toppen en prachtige kleuren. Het pad is overigens een stuk beter begaanbaar. Ik had al een paar keer gehoord dat de Hardangervidda een soort ‘hiker highway’ moet zijn. In vergelijking met het voorgaande is het dat zeker.


Het eerstvolgende stuk begint spectaculair, met uitpiekende bergtoppen en meren met ijsstukken die op sommige plekken lichtblauw kleuren. Het zorgt voor mooie foto’s. Later vlakt het terrein wat af en wordt het vrij ‘saai’, zou ik haast zeggen. Al is het landschap an sich schitterend; je vergelijkt het toch met wat je eerder hebt gezien.


Ik zet mijn tent vlak achter een rotswand neer, zodat ik zoveel mogelijk uit de wind lig. Het kan hier, als je pech hebt, echt goed waaien, waardoor slapen in een tent een stuk minder comfortabel wordt. Normaal ben ik niet zo van het ‘continu checken van het weer’, maar op deze tocht vraag ik soms meerdere keren per dag via mijn Garmin InReach het weerbericht op. Zo kan ik beter plannen of ik nog even door kan lopen of juist eerder moet stoppen. Wanneer er regen op komst is, probeer ik natuurlijk daarvoor een pauzemoment te nemen, daarna wordt het lastig.



Ook probeer ik de wandeluren zo effectief mogelijk in te delen, zodat ik kan profiteren van droog weer. Meestal stop ik wel ’s avonds rond een uur of 19:00, maar ik zou het ook anders kunnen indelen. Het is nu vrijwel altijd licht; de zon lijkt niet echt onder te gaan. Als ik om 2:30 uur ’s nachts mijn tent uitga om te plassen, is het nog steeds schemerachtig licht. Ik heb nog geen zonsopkomst of -ondergang meegemaakt. Dat zal na verloop van tijd wel veranderen, aangezien de dagen weer korter worden. Wel geeft dit me de mogelijkheid om eerder te beginnen of later te eindigen, mocht dat handiger zijn.


Op de Pacific Crest Trail in de VS kwam dit niet eens ter sprake; daar had ik van de 110 dagen ‘on trail’ slechts twee dagen slecht weer gehad. Ik wil mezelf met deze tocht uitdagen om me ook te redden in ander soort weer. Ik ben hier dus zeker nog geen expert in. In Haukeliseter kocht ik toch maar een extra wollen bovenlaag, die me tijdens koude, natte dagen extra warmte kan geven. Zo leer ik door ervaring, maar ook door te zien en te vragen wat de Noren zelf doen.


De derde dag in de Hardangervidda was er zon, maar ook volle bak tegenwind, de hele dag. Dan denk je: je kan lekker in je shirt lopen… Helaas. Twee lagen aan, volledig ingepakt; het kan enorm koud zijn door de harde wind. Ik liep die dag gestaag door, met muziek in of een audioboek, iets wat me kon afleiden van de ruis van de wind. In de verte zie ik het gebergte van het Hallingskarvet Nationaal Park liggen, een imponerend beeld. De bergen komen steeds een stukje hoger, alsof het in laagjes opbouwt. Ik kom natuurlijk van zeeniveau en ben steeds iets hoger gegaan.


De bergen van Hallingskarvet
De bergen van Hallingskarvet

Wanneer ik me hoger in de bergen bevind, word ik wakker door een flinke dreun, zijwaarts tegen de tent. Een van de haringen is losgeschoten, waardoor de tent in mijn gezicht klappert. Ik vlieg de tent uit en stop de haring weer terug in de grond. Ondertussen zie ik aan het uiteinde van de tent wat water liggen. Helaas komt er toch wat binnen wanneer de wind verkeerd staat. Wat ik nog niet wist, is dat ik mijn tentzeil wat kan verhogen, waardoor het een soort badkuip wordt. Dat houdt het water beter buiten. Gelukkig valt het me nu op en ga ik er gelijk mee aan de slag. Het overige water schep ik naar buiten, terwijl de regen langzaam wegtikt.


Vandaag blijft het regenachtig, dus moet ik me daarop aanpassen. Ik trek een extra laagje aan en begin de tas in te pakken. Normaal gaat de tent altijd als eerste erin, maar doordat het nu regent, moet die als laatste. Wanneer ik alles gepakt heb, zet ik de tas buiten met een paraplu erover als bescherming, en begin ik met de tent in te pakken. Geen geweldig klusje in de koude regen, maar het moet even.


Ik begin met lopen en de regen zwakt wat af. Het is mistig, grauw, een paar graden boven nul. De extra laagjes geven me toch de benodigde warmte, waardoor het lopen prima gaat. Vandaag zou er na 43 kilometer een hut zijn; die had ik als doel in mijn hoofd. Hoe het terrein zou zijn vandaag, had ik nog geen idee van.


Soms loop ik uren zonder iemand tegen te komen. Sporadisch een vogel, of een soort fazantachtige vogel. Het lijkt soms wel alsof de vogels het ook bijzonder vinden. Vandaag hopt er eentje minstens een uur voor me uit. Schapen verdwijnen wanneer ik rond de 1100 à 1200 meter ben; je komt in een soort niemandsland terecht. Zeker als je in de mist bent gevangen, verdwijnt soms het complete besef van tijd en locatie.


Een aantal uur later komen er wat gaten in de wolken en schijnt er wat licht door het gebergte. Nu pas zie ik hoe geweldig mooi het eigenlijk is waar ik loop. Een soort Glencoe (Schotland) XL, met groene valleien, watervallen, een grote rivier… gewoon prachtig. Ik pak voor het eerst vandaag de camera erbij, die ingepakt zit in een vuilniszak voor de regen.


In het dal ligt een hut waar ik even wat eet, buiten op een bankje. Het is nog 15 kilometer naar de hut die ik in gedachten had. Dit moet goedkomen. Ik begin aan de klim uit het dal, wat vrij soepel verloopt. Ik vind klimmen helemaal niet erg, alleen is de ondergrond en het terrein wel bepalend voor de intensiteit.



Helaas werd het een stuk intenser, toen de gebaande paden plaatsmaakten voor rots en sneeuw. Je moet je voorstellen dat er een soort rotsenveld ligt, alsof er een berg is opgeknald en er overal rotsstukken zijn neergekomen, groot en klein. Vaak glad en in hoogte verschillend, waardoor je er niet snel overheen loopt. Mijn schoenen worden door de sneeuw ook glad, waardoor mijn wandelstokken mij vaak redden van een valpartij. Ik voel dat mijn polsen wat pijn doen door alle onverwachte bewegingen. Gelukkig gaat het grotendeels goed; een aantal keer uitglijden, wegzakken in de sneeuw of in een plas verdwijnen gebeurt zo nu en dan.


Ik zit op dat moment aan het einde van mijn energie en de hut leek maar niet dichterbij te komen. Ik blijf over het algemeen koel en heb vertrouwen in mijn eigen kracht, maar de omstandigheden kunnen je soms moedeloos maken. Wanneer je op 1700 meter loopt, door de mist, overal ijs en sneeuw om je heen, over een wankel rotsenveld, kan het soms even lastig zijn.


Ik pak mijn laatste koekjes erbij als boost en zet nog even door. Uiteindelijk kom ik er… de hut! Binnen zitten wat Zweden en een tweetal Nederlanders, waar ik de avond gezellig mee klets. Vandaag was zwaar, but we did it again.


De komende dagen zal ik Jotunheimen bereiken, een nieuw hoogtepunt op de reis.



3 opmerkingen


Anne
10 jul 2025

Zo fijn om weer wat van je te horen!

Heel veel succes met deze bijzondere tocht

Like

Arie Boer
07 jul 2025

Mooi verslag en respect voor je doorzettingsvermogen

Like

Irma
07 jul 2025

Knap hoe je je toch weer op weet te laden ook al moet je soms echt diep gaan....dank je wel weer voor het mooie verslag! Prachtig geschreven weer! 😘

Like
Mijn werk supporten?
bottom of page